Het verhaal van Merel | Syndroom van Down of een mongooltje?

Het verhaal van Merel | Syndroom van Down of een mongooltje?

Merel (alias) is een jonge moeder. Samen met haar vriend verwacht zij een kindje met Syndroom van Down. Gezien haar ervaring en de verhalen die ze leest wilt ze hier toch wat over kwijt.

Laatst las ik ergens een verhaal over een moeder van een zoon met Syndroom van Down. Hoewel ik mij kon vinden in haar verhaal, bleef er nare nasmaak achter. Vooral de reacties waren gruwelijk.

In mijn tienerjaren kende ik geen mensen met Down.
Net als velen andere gebruikte ik vaak het woord ‘mongooltje’.
Voor geen seconde dacht ik hierbij aan iemand met Down. Nooit eigenlijk. Naïef? Misschien, maar zo zit ik niet in elkaar en zo ben ik ook niet opgevoed.

Tot mijn broer 3 jaar geleden vader werd van een dochter. Een dochter met Syndroom van Down. Vreselijk vonden ze het. Niet alleen de omgeving had medelijden met mijn broer en zijn vriendin, maar zijzelf ook.

In mijn tienerjaren kende ik geen mensen met Down. Net als velen andere gebruikte ik vaak het woord ‘mongooltje’. Voor geen seconde dacht ik hierbij aan iemand met Down. Nooit eigenlijk. Naïef? Misschien, maar zo zit ik niet in elkaar en zo ben ik ook niet opgevoed. Al werd daar, bleek later, nooit over gepraat.

Lees ook: Genderneutraal gedoe? Stereotypering zul je bedoelen

Ik begreep dit niet zo goed. Het enige wat ik zag is een baby. Ja in mijn beleving lijken alle baby’s op aardappels als ze net op de wereld worden gezet. Zo ook mijn nichtje. Ik was 19 en begreep alle heisa niet.

De kraamvisite werd op afstand gehouden. Elke keer als ik langs ging trof ik een huilende schoonzus aan en een huilende baby. Mijn broer en zijn vriendin hadden bijna dagelijks ruzie. Ruzie over het feit dat ze geen NIPT test deden tijdens de zwangerschap. Van een roze wolk was er geen sprake.

En mijn nichtje? Mijn nichtje was het schattigste wat ik ooit heb gezien. Een baby dat in mijn ogen meer liefde en aandacht verdiende dan ze kreeg.

Vanaf dat moment ben ik mij gaan inlezen over Syndroom van Down. Leeftijd van mijn schoonzus speelde blijkbaar een rol. Ze was immers 39 toen ze voor het eerst moeder werd. Al begrijp ik nu beter waarom zij besloten geen test te doen tijdens de zwangerschap. Mijn broer en zijn vriendin hebben namelijk al twee keer een baby verloren. Ik kan mij hun verdriet na de miskraam nog heel goed herinneren. Vreselijk verdrietig waren ze. Eigenlijk was het verdriet van toen te vergelijken met die van nu maar dan zonder de ruzies.

Ik mocht geen ‘mongooltje’ zeggen van mijn ouders. En als het een keer eruit floepte werd mijn moeder goed kwaad. Het was een belediging voor mijn moeder en schoonzus, werd er dan gezegd. Vragen die ik stelde werden genegeerd. Terwijl ik alleen probeerde te begrijpen wat er in vredesnaam zo erg was aan mijn nichtje.

Toekomstige mama van een bijzonder kindje

Inmiddels ben ik bijna 23 jaar en 26 weken zwanger. Ik heb de NIPT test wel laten doen. Meer omdat ik hier beter op voorbereid wilde zijn. Niet dat het uitmaakt, maar ook ik verwacht een Syndroom van Down kindje.

Als we toch openhartig zijn, ja ik schrok ervan. Natuurlijk schrok ik ervan. Vanwege de vooroordelen en zijn gezondheid. Maar ik hield er wel rekening mee. Juist omdat ik het 3 jaar geleden al van dichtbij heb meegemaakt. Mijn vriend kende de waarheid en ook mijn gevoel.

Ik ben nog steeds dol op mijn nichtje. Haar ouders zijn gelukkig bijgedraaid en zien in hoe geweldig zij is. Een rijkdom. Een meisje met een hart van goud. Hoe kan je daar niet van houden. Ja, zij is bijzonder. Positief bijzonder. Zij is speciaal. En ik hoop van harte dat mijn zoon net zo prachtig wordt straks als mijn nichtje.

Mijn kind is geen mongool 

Regelmatig hoor ik mensen ‘mongooltje’ roepen. Tegen mensen zoals zijzelf. Sterker nog, ik betrap mijzelf er ook wel eens op. Mensen associëren deze benaming allang niet meer met Syndroom van Down. De niet zo kortzichtige mensen athans. Het is gewoon een uitdrukking, een woord. Net zoals als ‘oen’ of ‘sukkel’. Alleen is dat bij hun niet te zien vanaf de geboorte. Flauw grapje. Maar ik hoop dat je begrijpt wat ik probeer te zeggen. Deze uitspraak heeft tegenwoordig niets meer te maken met Syndroom van Down. Laten we dat ook vooral zo houden. Noch mijn nichtje of mijn ongeboren zoon zijn mongolen. En het laatste wat ik wil is dat deze nu al prachtige kinderen zichzelf als een mongool zien.

Lees ook: Het verhaal van Arlette | Noodgedwongen abortus

Als tante van en toekomstige moeder van koppel ik deze uitspraak ook nooit met een persoon van Down. Ik vind het een stukje opvoeding. Hoe kan ik verwachten dat mijn zoon zelfvertrouwen heeft en uitstraalt als ik kortzichtig ben? Hoe kan ik hem laten geloven dat het, het mooiste en leukste wezen is dat op aarde rondloopt en hij een geweldige toekomst vol mogelijkheden kan hebben als ik daar aan twijfel? Is het dan vreemd dat ik niet begrijp dat mensen vandaag de dag zich nog beledigd voelen hierbij? Ben ik raar dat ik dit een onschuldige term vind die niets te maken heeft met wie dan ook?

Wil jij ook (anoniem) je verhaal delen? Stuur mij een email via het contactformulier.

10 gedachten over “Het verhaal van Merel | Syndroom van Down of een mongooltje?”

  1. Allereerst gefeliciteerd met je zwangerschap! Veel geluk vast met jullie zoon.

    Mooi dat je de term los kan zien van mensen met t syndroom van down. Zo is het ook, ik gebruik het woord mongool eigenlijk nooit maar als ik het zou doen dan zou t idd helemaal niks te maken hebben met die associatie.

  2. Mongolen bestaan gewoon niet, ze zijn er niet, niemand is het, het is gewoon een scheldwoord en niemand zou ooit in zijn leven zo genoemd moeten worden…
    Proficiat trouwens, ik voel nu al dat jullie zoon in een warm nest zal opgroeien! Dat is t belangrijkste <3

Een reactie plaatsen